2
Veiligheidsmaatregelen
- Om de veiligheid te waarborgen dient de
meter alleen gebruikt te worden onder de
voorwaarden zoals vermeld in de
handleiding.
- Maak altijd gebruik van gespecificeerde
terminals, schakelpositie en meetbereiken.
- Gebruik de meter niet bij een hogere
spanning dan aangegeven op de meter,
tussen terminals of tussen een willekeurige
terminal en aarde.
- Om onjuiste metingen te voorkomen,
welke kunnen leiden tot elektrische schok
en verwondingen, dient u de batterij te
vervangen zodra de “batterij leeg” indicatie
wordt weergegeven.
- Schakel de spanning uit en ontlaadt alle
hoogspanning condensatoren vóór het
testen van de weerstand, continuïteit,
diodes, of elektrische capaciteit.
- Gebruik de meter niet in de buurt van
explosieve gassen of dampen.
- Om het risico van brand of elektrische
schok te verkleinen, dient de meter niet
blootgesteld te worden aan regen of
vochtigheid.
Warning
. . . . . . . . . .
. . . . . . . . . .
. . . . . . . . . .
. . . . . . . .
Safety sheet
. . . . . . . . .
. . . . . . . . . .
. . . . . . . . . .
. . . . . . . .
. . . . . . . . .
Read First